Snorkelen 1.
Met zwemvliezen
1.1.
Te water gaan met een kopsprong, direct gevolgd door
1.2.
Startend vanaf de wand in het water en in maximaal 2 duiken,
drie voorwerpen in minimaal 2 verschillende kleuren, welke zich op een diepte van tenminste
Met snorkeluitrusting.
1.3.
Te water gaan met een schredesprong, aansluitend
1.4.
Starten in het water,
1.5. Starten in het water, onder water zwemmen en ondertussen twee uiteinden van een touw aan elkaar knopen met een platte knoop.
1.6.
Minimaal twee voorwerpen in 2 verschillende kleuren (die via een onderwater praatstok worden doorgegeven) ophalen van de bodem (minimaal
1.7.
Starten in het water, snorkelen, een hoekduik maken en door een hoepel zwemmen, vervolgens nog een keer linksom óf rechtsom door dezelfde hoepel gaan.
1.8.
Starten in het water,
Snorkelen 2.
Met zwemvliezen.
2.1
Te water gaan met schredensprong, direct gevolgd door
2.2
Starten in het water, na
Met snorkeluitrusting.
2.3.
Te water gaan met de snorkeluitrusting in de hand, uitrusting aan doen en daarna
2.4.
Starten in het water,
2.5.
In maximaal 5 duiken een met
2.6.
Starten in het water, snorkelen, een hoekduik maken, lucht uitblazen en vervolgens 5 seconden zonder te bewegen op de bodem blijven (minmaal
2.7.
Starten in het water, snorkelen, een hoekduik maken en door een hoepel zwemmen, vervolgens nog een keer linksom en rechtsom door dezelfde hoepel gaan.
2.8.
Starten in het water,
Snorkelen 3.
Met zwemvliezen.
3.1
Te water gaan met een kopsprong, aansluitend
3.2
Starten in het water,
Met snorkeluitrusting.
3.3
Te water gaan met de snorkeluitrusting in de hand, aansluitend de uitrusting aan doen, de bril onder water opzetten, vervolgens
3.4
Starten in het water met een buddy, na
3.5
Starten in het water, onder water zwemmen en ondertussen onder water de snorkel uit de mond nemen, een mastworp leggen om de snorkel met een meegenomen stuk touw, het mondstuk onder water in de mond nemen en aan het wateroppervlak de snorkel leeg blazen.
3.6
Starten in het water,
3.7
Starten in het water, snorkelen en in maximaal twee hoekduken, met behulp van een slangsnorkel, een met
3.8
Starten in het water, snorkelen, een hoekduik maken, aansluitend in rugligging door twee hoepels zwemmen, die tenminste
3.9
Starten in het water, snorkelen, een hoekduik maken en door hoepel zwemmen, aansluitend een gestrekte salto achterover maken en i n buikligging weer door dezelfde hoepel gaan, vervolgens door de tweede hoepel zwemmen, die
3.10
Starten in het water en blind snorkelen over een afstand van
Eisen aan de uitrusting: